Translate

dinsdag 16 juni 2026

Geduld met bamboe

Geduld

Afgelopen winter heb ik drie zwarte bamboes van vier meter hoog in de voortuin geplaatst. Prachtige planten. Vol groen blad, statig en sierlijk. Bij het minste zuchtje wind wiegden ze heen en weer, buigend zonder te breken. Een lust voor het oog. Een ware windrichtingswijzer met de wortels in de grond als standplaats. Windrichting aangevend optima forma. Net als bij de kukeleku weerhaan op vele daken.  

Drie maanden geleden sloeg het bamboe noodlot toe. De bladeren verkleurden van frisgroen naar bruin. Vervolgens dwarrelden ze in doodse stilte naar beneden als minuscule kadavers. Niet rottend, maar op de zg Egyptische manier: verdrogend, verschrompelend en uiteindelijk door een zuchtje wind weggeblazen om op onbekende locaties hun laatste bijdrage aan de bodemverrijking aan te leveren.

Het aanzicht in mijn voortuin werd er niet beter op. Daar stonden ze dan. Drie peperdure staken met slechts en alleen een schrale uitstraling, niets anders. Ik controleerde en verzorgde de grond, bekeek de stengels van alle kanten en wierp dagelijks een onderzoekende blik richting voortuin. Resultaat: niets.

Of toch wel...

Langzaam herstelt mister bamboe zich. Ik heb geduld gehad, hem tijdens warme dagen van water voorzien en verder zijn gang laten gaan. En telkens als ik dacht dat hij zijn beste tijd had gehad, leek hij mij vanuit de verte aan te kijken. Want bamboe en familie beschikken over een genetisch vastgelegde overlevingsdrang. Een eik breekt en een  bamboe buigt, neigt en veert altijd weer rechtop. Met groene oogjes.

Groene oogjes? Jazeker. Kleine, spitse, felgroene puntjes verschijnen nu overal langs de stengels. Niet één of twee, maar iedere dag meer. Groene kijkers die spitsvondig meebewegen in de wind en mij lijken aan te staren.

De bamboe is tenslotte van Aziatische afkomst.

Alsof de familie nog niet groot genoeg is, verschijnen er ook nieuwe scheuten. Vanuit de wortels boren zij zich ondergronds omhoog. Eerst een puntje, daarna een spits snuitje dat doet denken aan een mol die de kust veilig komt verkennen. Nog geen dag later staat er ineens een nieuwe bamboescheut boven de grond. Het lijkt verdacht veel op een geboorte, zij het zonder verloskundige, beschuit met muisjes of kraambezoek.

Binnenkort veranderen die kleine spleetoogjes in prachtige groene bladeren. Dan ontstaat opnieuw een weelderig bladerdos dat wiegend en zwierend een lust voor het oog zal zijn, een levendschilderij. Tegelijk vormt het een welkome afleiding voor alles wat vliegt, fladdert, zoemt of anderszins door de tuin passeert.

De bamboe heeft mij de afgelopen maanden iets geleerd. Niet omdat hij dat wilde, maar omdat hij geen andere keuze had. Sommige dingen laten zich niet opjagen. Niet met water, niet met aandacht en niet met ongeduldige blikken vanuit het keukenraam.

Soms is geduld niets anders dan vertrouwen hebben in iets dat nog niet zichtbaar is.

Je kunt vaak veel meer bereiken dan je denkt, als je bereid bent er geduld, tijd en energie in te steken.

Met dank aan deze bamboe. Een wijze leermeester, al zegt hij nooit een woord. 🌿