Translate

zondag 25 mei 2014

Rozen in de nacht

Tijdens een van mijn vele politie nachtdiensten mag ik van de meldkamer naar een schreeuwende of een ruziënde man ergens op een nader te bepalen locatie in het centrum van onze stad. Op weg ernaar toe ben ik aan het genieten.

Het is windstil en de schitterende lichten van de maan en verdere sterren weerspiegelen op het aardoppervlak op de door mij bereden route, eender als de broodkorstjes op het diffuse bospad van Hansel und Gretel. Verder schijnen de lantaarnpalen een sereen zacht geel licht uit op mijn pad der gerechtigheid in deze noodhulp situatie.

De contrasten van gebouwen en verdere on(t)roerende zaken worden ook nog met prachtige schaduwen geprojecteerd op mijn route naar de yellende of schreeuwende persoon. Echter we vinden hem niet meteen. Hij heeft zich te goed verschanst, zo lijkt het in eerste instantie te zijn. Uiteindelijk vinden we hem. Hij krijgt het niet voor mekaar om muisstil te zijn.

Zachte mechanische muziektonen vergezellen zijn one-man sing along show.

Hij zit als een Boeddha in een groot donker portiek met aan alle zijden glazen ruiten waar een voorheen gevestigde kledingwinkel haar allerlaatste mode etaleert. Nu helaas niet meer. Deze winkel en de buurt waarin deze is gelegen is over het hoogtepunt van roem en aandacht van het winkelende publiek heen. Nu te huur of te koop volgens grote aandachtige plakkaten op de etalageramen. Klanten blijven er steeds meer weg. Crisis of overdaad? Wellicht.

De man een stylist in spe heeft de ruimte die hij in het portiek inneemt gezellig geUpdated. Op de plavuizen vloer ligt een deken. Rondom de deken staan circa 8 waxine lichtjes gezellig mee te deinen. Tegen de muur staat een rugzak. Zijn schoenen heeft hij uitgedaan. Want alles wat leeft moet tenslotte lucht hebben.

De man is kaal als een biljartbal of heeft heel kort geschoren haar. Ik ken hem niet meteen terug. De man heeft zijn regelmatige wasbeurten al te vaak overgeslagen, als huidbescherming! Zijn lichaamsgeuren snellen hem als het ware vooruit. Vliegen en ongedierte zijn niet te traceren op deze plaats van delict. Zijn lichaamshouding en ogen zijn dan ook heel apart, samengevlochten in een zogenaamde yoga houding.

Op een zodanige elastische onmogelijke wijze die ik nog niet zou kunnen nadoen al breekt men mijn Aardse tweevoeters op meerdere plaatsen. Wat verder opvalt is het feit dat hij buiten de uitstalling van zijn aardse bezittingen geen rotzooi maakt. Terwijl wij op gepaste odeur afstand bij hem vandaan blijven stilstaan is hij in een monoloog aan het orakelen met zijn rugzak. Geen touw aan vast te knopen voor ons of wie dan ook..

Hij ziet of ontwaart ons opzichtige politiemensen deelt mede dat hij in gesprek is met zijn kind. Hij brabbelt een onsamenhangende taal. Voor hem op zijn deken ligt een zeer klein model transistor radio met een antenne. Een puur retro aanblik. Uit deze radio worden zachte muziektonen geproduceerd.

De man deelt mede dat hij meegezongen heeft terwijl hij zich niet bewust is geweest van het feit dat hij mensen in hun slaap zou kunnen storen. De man zouden we tegenwoordig in een woord kunnen omschrijven als, stadsnomade. Hij is niet ondervoed en niet als een lastig persoon te betitelen. We vragen hem om zijn spullen bij elkaar te zoeken en te vertrekken naar elders. Waarheen of via welke route dat is onbekend, behalve dan voor hem. wellicht begeleidt de maan La Luna ook hem...

Hij voldoet zonder enig weerwoord aan dit dringende verzoek. Het schijnt dat hij alle aardse bezittingen die voor hem belangrijk zijn, bij zich heeft, net als Ghandy.

Nadat hij vertrokken is hebben mijn collega en ik met de meldster nog een kort nagesprek aangeknoopt. Zij is wakker geworden van hels geschreeuw en haar subjectieve veiligheid is daarbij in het gedrang gekomen. Meldster is zeer tevreden met onze oplossing van wegsturen van deze nomade of troubadour.  Wij hebben deze nacht niets meer van hem gehoord of geroken.


De persoon dan wij hebben vanaf politiezijde meer dan zat interventies met hem gehad in het naaste  verleden, vooral op strafrechtelijk gebied. Verslaafd, crimineel met een weldadige blonde haardos die verdwenen is.

Ik weet niet of hij een uitkering krijgt of dat hij gebruik maakt van voorzieningen die hem daarbij zouden kunnen helpen. Ik denk dat hij voor zichzelf heeft gekozen in zijn eigen universum. In ieder geval was zijn achternaam iets met rozen, maar dan lekker ruikend,


donderdag 15 mei 2014

Kastelen en hebzucht

Ik las een tijdje geleden dat de kasteelheer van het Sibberhuuske (Valkenburg) was overleden. Deze zakenman had na zijn pensionering niet zijn veren laten hangen. Hij renoveerde het Sibberhuuske, een kasteelboerderij. Ipv dat hij de muren met een grote poort afsloot, gingen deze wagenwijd open voor de gemeenschap. Harmonieën, scholen, toneelgroepen hadden er toegang. Verder richtte hij een stichting voor kinderhulp op. Ook hulpprojecten in Afrika werden ondersteund door deze kasteelheer, dhr Bennen. Hij meed de golfbaan maar zijn bereikte doelen (arm om de schouder) voor de medemens, zullen niet vergeten worden.

Een schril contrast in ieder geval met het volgende gepasseerde kasteel tijdens een van mijn wandeltochten. Ergens in een Dal in Wallonië, vlak over de grens nabij Plombières ligt een super mooi kasteel in het landschap ingelijfd. Je zou bijna gaan denken een geheel met de flatteuze sereniteit der natuur. Namelijk het kasteel is prachtig gesitueerd en opgeknapt met heel veel gemeenschapsgeld. Wellicht uit fondsen van de Europese Unie of uit nog meer andere putten.

Het kasteel prijkt trots als een pauw en wordt omgeven met een mooie gracht vol met water. In tegenstelling tot veel drooggevallen grachten, waar dan ook. Verder een mooie stenen loopbrug en een subliem poortgebouw. Ik denk dat de poort hier altijd gesloten wordt gehouden door de paar inwoners die daar legaal mogen toeven, permanent wonen dus. Aan alles in en rondom dit kasteel werd gedacht en verbouwd. De torentjes aan de binnenplaats, een heuse kapel, een poortgebouw met brug over de slotgracht. De muren zijn er minimaal 2 meter dik. Op de vier torenhoeken zijn uitkijktorentjes en er is bovendien een klokkentoren (alarm of zo voor de hongerige vijand buiten de kantelen?) in de spits. 

Het kasteel zou volgens legendes stammen uit de tijd van Karel de Grote. Echter dit is een legende (broodje aap verhaal wellicht om nu veel geld te vragen uit hebzucht voor een verbouwing, n’est ce pas) waarna de bouw vermoedelijk ergens in de 13e eeuw werd gestart.

De weg die langs dit kasteel loopt is pas opnieuw geasfalteerd. Het lijkt wel of men door de Europese fondsen geld heeft overgehouden en de hele directe buurt tot en met de wijde omgeving heeft opgekalefaterd tot een heuse extravagantie in een perfect mooie infra- en omliggende boscultuur. De wijde omtrek ademt dan ook een en al rust en natuur uit. Voorbehouden aan enkelingen.

Uiteraard staat ook bij de oprit naar het kasteel Beusdael een grote tweedelige geopende ijzeren poort. De hengsels hangen geklonken in twee trotse grote stenen pilaren. Deze lijken zo sterk te zijn dat je er met een tank of dergelijk voertuig tegenaan zou kunnen rijden zonder dat dit een millimeter toegeeft aan eventuele aangewende buitenproportionele krachten! In ieder geval zo sterk lijkt dit te zijn.

Echter een meter of zo op dit pad gelopen volgt een schriftelijke annonce verankerd in een glazen stulp afgezet met smeedijzeren sierlijke randen en een lamp om nachtelijke geïnteresseerden te waarschuwen en te weren. Althans een dergelijk gevoel bekroop mij. Oh ja de teksten zijn in het Frans opgesteld maar ook in het Nederlands. Misschien omdat wij Nederlanders ietwat onderzoekender van aard, in tegenstelling tot de plaatselijke bewoners.

Ik verwonder mij dan ook ten zeerste over de annonce. Kasteel Beusdael is in 1976 tot monument verklaard en gerestaureerd in 1980 met hulp van de provincie Luik in Plombières en het Franse ministerie van cultuur.

De slotzin is in mijn ogen een trieste weergave van hebzucht. Namelijk en ik citeer: "Het kasteel is in privé bezit. Teneinde de rust van de bewoners te verzekeren, verzoeken wij u vriendelijk zich niet voorbij dit hek te begeven. Dank voor uw medewerking".

In Nederland zou het bordje 461SR, verboden toegang,  geplaatst zijn.


Met de vele kloosters en nu ook kastelen bekruipt mij altijd weer een gevoel van, waarom zijn deze muren zo hoog en zo sterk. Is dat om de vijanden buiten te houden of om de hebzucht en eigendommen ongeschonden te laten en veilig te stellen?

Veel mensen uit vroegere tijden, werkslaven of lijfeigenen hebben bloed, zweet en tranen in hun werkbaar leven gegeven. Onder het wakend oog van een opzichter in zijn volle intimiderende glorie -al dan niet voorzien van een opzwepend marteltuig- om gratis en voor niets noeste arbeid te verrichten. In die tijd was er geen AOW en geen vangnet dus werd men er niet oud, behalve de rijke notabelen.

Wie het grote niet waardeert is het kleine niet weert, of was het andersom?

U mag het zeggen!

Vredesduiven



Vredesduiven, komen ze dit jaar 2016 weer bij mij op bezoek?

In mijn tuin vliegt er van alles door de lucht. Van insecten, muggen, vliegtuigen en duiven. In de zomer met lekkere temperaturen zijn deze vliegbewegingen en gezang mooi om te zien en te -horen. Het vliegend orkest begint meestal met de zonsopgang, dus heel vroeg. Nu wil het feit dat mijn woning een aangename biotoop is geworden voor vermoedelijk een paar lachduiven. Mijn woning heeft een houten oversteek wat in welingelichte duivenkringen betekent dat er zonder bouwtekening een nest gebouwd kan gaan worden hoog, droog, veilig en comfortabel. Aan een waterloop in de achtertuin kunnen zij zich dagelijks laven en hun dorst stillen en ook nog een keer als zij zouden willen, PH neutraal afdouchen.

Ik krijg deze vliegbewegingen en intreden in mijn domein pas mee in het voorjaar als de duiven af en aan vliegen met takjes en twijgjes alla Jan de Bouvrie, maar dan uit het gratis Lenie takkenbos. Heel leuk om deze noeste arbeid te zien.

Helaas als de duiven romantiek heeft toegeslagen dan komt er een moment dat er nog maar een duif rondfladdert en de andere belast is met de nestlogistiek. Maar wat erin gaat met ook eruit, nietwaar. Dat zijn dan van die momenten dat de witte kalk klodders her en der rondom –maar wel buiten- het nest gedropt worden als een spreekwoordelijke white sensation verfbom.

Dit familiegeluk in wording wil ik dan ook niet verstoren of saboteren. Daar wacht ik mee tot het jonge grut is uitgevlogen, dus tot in het late najaar. De oversteek bij mijn woning op de plek waar die duiven zitten te lachen is nogal moeilijk bereikbaar. De bereikbaarheid ook voor dit koppeltje is als in een tweetrapsraket. De eerste trap is via de regenpijp. Dan de tweede trap via een slalom achterom het nest in. Bij mij in de buurt zijn tal van plekken die veel beter zijn als onderkomen, maar kennelijk trekt de gezelligheid van onze woning zodanig aan, dat wij uitverkoren blijven.

Er zijn meerdere soortenduiven. Dat zijn onder andere de tamme lachende duiven en de wildere bos soort die apezuur kijkt en de lachers niet tolereert in zijn domein. Iedereen schijnt dus zijn eigendom af te bakenen, de mens via het kadaster, de hond via het urine reukspoor en de duiven op hun beurt.

Twee jaar gelden in het najaar heb ik maatregelen genomen tegen annexatie door deze lachende duiven. De plek van- en het nestje waren vergaan. De nestruïne heb ik verwijderd. In plaats daarvan heb ik een groene geplastificeerde draadrol gemaakt, waardoor invliegen en een nestje maken op die plek niet meer mogelijk leek te zijn.

Tot mijn grote verbazing was dit voorjaar alweer een keur aan vliegbewegingen rondom mijn woning van lachduiven. Bij nadere inspectie bleek dat zij de draadrol hadden platgewalst. Dus hadden zij betere ventilatie als van tevoren in hun tijdelijk onderkomen. Het nestje was al in staat van paraatheid, dus klaar. dus weer een kwestie van broeden en vliegende logistiek.

Eerdaags gaat het verfbommen alarm weer af, denk ik. Ik laat ze maar roekoe koeren en opvoeden. Ze vragen namelijk niets aan mij alleen een plekje in de luwte, een wasbeurt op zijn tijd –net voor de duivenromantiek- en wat verzameld water uit een waterloop. De lachende duiven zijn dus met bijna niets tevreden. Konden wij mensen hier maar een voorbeeld aan nemen. Tegen deze bewoners kan ik niets in brengen. Ik wens hun dan ook alle mogelijke vliegende voorspoed en gezinsuitbreiding die ik maar aan deze lachende soort kan toewensen.

*Wist u dat lachduiven vrij oud kunnen worden, bij goede condities is 25 tot 30 jaar normaal. Dus ik ben nog lang niet van hen af. Maar ja hoe vaker ik ze zie, hoe ouder ook ik ten slotte zal worden. Ze lijken op elkaar als twee druppels water. Wie weet nemen de jongen de plaats van hun ouders in als zij er niet meer zijn. Zij hebben een super navigatie systeem.

*Wist u dat Lachduiven goede kwekers zijn en daarom vaak gebruikt worden als broeders voor duiven die minder goed broeden. Ze staan ook bekend om hun pleegouderschap en accepteren probleemloos andere duiven.

Het waren ten slotte de schepsels die van de ark van Noah wegvlogen en uiteindelijk land in zicht hadden en dit bewezen door met een groene twijg terug te komen op de ark. Eigenlijk hebben ze toen de wereld gered, als tenminste dit fabelverhaaltje op waarheid berust.

Ze zijn super aero dynamisch,sierlijk en elegant gebouwd. Hun verenpak stuit vocht en water af. Vliegtuigen zijn gemaakt op hun postuur. Door hun navigatie inbouwpakket zijn ze onmisbaar in vroegere oorlogen om te waarschuwen en alle nodige informatie over troepenbewegingen en zo verder, over te te brengen.

Het is een diertje dat als vredebrenger in de boeken staat. Overigens hij lacht nooit heeft eigenlijk een uitgestreken gezicht. Alleen de (lichaams)mimieken maken hem of haar dolkomisch in diens acteertalenten. De lachduif lijkt onverstoorbaar, direct en helder. Kortom aimabel.

Op kerktorens et cetera is hij niet meer gewenst vanwege de kalkbommen en wordt hij geregeld verbannen. Niet door gebeden maar door felle onorthodoxe manieren, als u begrijpt wat ik bedoel (rip).

Ik laat ze in ieder geval toe op hun vakantie adres onder mijn permanente oversteek. Delen zullen we, toch!

De mens mocht –wat mij betreft- iets meer gaan lijken -niet qua postuur maar qua levenshouding- op lachende vredesduiven. Ze pakken alleen wat nodig en van niemand anders is. Geen hebzucht, niet eens een greintje, maar alles overhebbend voor hun kroost. Oh ja ze blijven bij elkaar tot de dood hun scheidt.

Women defending themselves



Op een morgen liep ik buiten in mijn mooie woonomgeving samen met vrouwlief. Dat doen we altijd als grote hobby. Buiten is het altijd lekker om te bewegen en heel gezond voor lijf en leden. Spieren, gewrichten, longen et cetera worden gesmeerd en ieder mens heeft er baat bij en kan zodoende zijn steentje blijven bijdragen in de maatschappij.

Voordelen van bewegen; je wordt ouder, blijft langer gezonder, kunt langer voor jezelf en gezin blijven zorgen, blijft beter bij de pinken en als laatste maar zeker niet onverdienstelijk je staat je mannetje of vrouwtje in de maatschappelijke veranderingen op welke manier en wijze dan ook.

In ieder geval toen wij langs velden en stille wegen liepen en door niets en niemand gehinderd werden zagen we plots een oud vrouwtje dat ons tegemoet liep. Ze had al vele kilometers op de pensioenteller staan maar je kon zien dat ze ooit gracieus als een gazelle moet zijn geweest. Haar sierlijke voet-treden plaatsten haar lichaam in perfecte balans in het centrum van haar eigen bewegingsapparaat en hulpmiddel. 

Ze was uiterlijk super verzorgd en had haar eigen tanden nog in een mooie ivoorwitte kleurschakering. Haar figuur was ooit rank en slank geweest in de categorie 90 – 60 – 90. Haar blauwe ogen scanden nog steeds haar levenspad en stonden fris en helder in haar aangezicht. Ze had sportieve kleren aan welke een nog steeds sportief figuur accentueerden doch ook enigszins verhulden. Haar last duwde ze sportief voor zich uit en nee zij liep niet achter een rollator. In haar geval dient dit hulpmiddel een personal metallic trainer genoemd te worden.

We kwamen met haar aan de praat. Wij hadden een hondje bij ons, baby bob. Een klein wit Maltheser leeuwtje (nou ja leeuwinnetje) met prachtige gitzwarte ogen als Bambie. 

De aanwezigheid van dit hondje reflecteert altijd menslievende aandacht. Dan merk je dat vele mensen verlegen zitten om gewoon een praatje met mensen die je zomaar tegen kunt komen, wij dus. Dan gaat het gesprek als inleiding over het weer, de leeftijd, waar komen jullie vandaan, wat heb je vandaag gedaan en als kern van het gesprek eigen- of andermans gezondheid en vooral het gemis van de warmte van (verloren) dierbaren in de snelle zakelijke kille wereld van vandaag.

Mijn oog viel plots op een opengevallen historische militaire tas van haar toenmalige partner en vriend. Ik zag dat daarin een paar bokshandschoenen zaten. Deze bokshandschoenen intrigeerden mij en nieuwsgierig als ik was vroeg ik aan Grace zoals zij heette, wat ze met die handschoenen deed.

Zij deelde mij mede dat de mensen in China de bewegingssport Tai-Chi beoefenden van jongs af aan tot op zeer oude gevorderde leeftijd, om op deze manier lichaam en geest gelijk als Yin en Yang in goede persoonlijke balans te houden.
Zij had dan ook Tai Chi ook beoefend maar zij was toch meer een competitie- en wedstrijd gericht persoon en was in dertiger jaren van de vorige eeuw geëmigreerd naar Amerika waar de bokssport immens populair was. In de bokssport had zij uiteindelijk grote uitdagingen gevonden en bestreden.

Bovendien had zij zich toen aangemeld in de mannenwereld van de bokssport. Dat ging toen niet zonder slag of stoot of met een rappe goedkeuring. Zij moest zich namelijk -in the ringside- bewijzen. Want haar gracieuze uitstraling gelijk als die van een modepop leverde haar alleen maar hoongelach op van de stoere transpirerende binken uit de bokssport.

Om haar harde bokstest te doorstaan had zij zich ongevraagd gemeld in een muffe naar zweet stinkende bloedzaal van een harde glorieuze bokssportschool. Waar zij uiteindelijk na lang aandringen toch een kans kreeg. Deze kans was om zonder techniek en alleen maar met een ijzeren wil en doorzettingskracht een mannelijke tegenstander tegemoet te treden in de ring. Zij kreeg in deze sparringpartij een ontzettend pijnlijk pak slaag en hield er haar eerste Shiners -de spreekwoordelijke blauwe ogen- aan over.

De bokssport was nog steeds niet geëmancipeerd en dit traject duurde nog lange tijd voor vrouwen werden toegelaten in de bokssport. Grace heeft later als trainster andere vrouwen de mogelijkheden onderwezen om zich in de harde wereld ook te kunnen manifesteren. See the picture on the roof waar zij een rake -gematigde ingehouden- treffer plaatst tijdens een trainingsles, voor de ogen van belangstellende ladies die in de verharde wereld  hun soul zelfredzaamheid wilden bevorderen.

Tegenwoordig doet het oude gracieuze oude besje nog steeds haar handschoenen aan en doet technische boks training in haar eentje. Sterk gelijkend op Tai Chi met beheerste elegante bewegingen in perfecte balans. Alleen draagt zij daarbij als eerbetoon aan de bokssport nog steeds haar oude versleten leren bokshandschoenen.

De lichamelijke- en geestelijke conditie die zij daarbij nog steeds in stand houdt sterkt haar uitstekend tegen de kwalen van de leeftijd en de toenemende zorgeloosheid voor ouderen in dit land onder stringente zware politieke matigingen. Grace heeft namelijk geen kans op mantelzorg, want zij is door persoonlijke omstandigheden nooit moeder of vrouw in een gezin geweest of kunnen worden. In het bejaardentehuis is nu geen plaats voor haar want haar score om in aanmerking te komen voor opname is ondanks haar senioren leeftijd, onvoldoende. Maar wat zij wel heeft bewezen door te blijven bewegen is een voldoende score om buiten het bejaardentehuis te (moeten) blijven toeven. Hopelijk tot in de lengte van haar na-dagen.

De foto heeft mij geïnspireerd tot het maken van deze fictieve short story. Met een knipoog naar de zorgelijke zorgtoestanden van tegenwoordig, dat dan weer wel.

50 tinten geel en de paardenbloem

tekening van collega Jan Swagers



Ergens in april 2016 zit ik samen met mijn collega Jan Swagers op een bankje midden in het Limbrichterbos onder de rook van de DSM, dat dan weer wel. De zon schijnt mooi en danst op onze huid. De wind heeft zich gelegd zoals wij dat in ons Limburgs dialect noemen. De vogeltjes tjilpten blij of ongeduldig erop los op wat de komende lente gaat brengen en het gezinsgeluk - hoppa – hoppa - waar zij intuïtief naar toe werken. Eea gaat gepaard met het nodige keelvolume aan warme zoete klanken.

De paardenbloemen tegenover ons bankje in het bosgroen hebben allemaal een volle kruin met een perfect, minutieus ingezette coupe. Alle bladeren zijn of krijgen gelijke afmetingen en staan op dezelfde onderlinge afstand van elkaar. Boeiend is wel het jaargetijde dat deze ontluikende pracht mogelijk maakt.

Achter de paardenbloemen staan diverse eeuwenoude eikenbomen als een beschermende gordel van woudreuzen als kordate lijfwachten. Die in het leven geroepen zijn om de pracht en praal in het bos te beschermen tegen al het indringende kwaad. Deze lijfwachten hebben daarvoor tal van uitgespreide armen, lees takken, om naderend onheil af te wenden. Zij zijn in een grauwe kleursetting gehuld. In een stil contrast tot de mooie warme geborgen gelige paardenbloemen op hun weldadige groene bedjes.

Dit mooie moment is dan ook vrij speciaal te noemen. Enerzijds duurt de bloei niet eeuwig en anderzijds zitten de lijfwachten, de takken en de struiken, volop in de knop om in dit jaargetijde, gekatalyseerd door de tintelende warme zonnestralen op hun beurt, te gaan ontluiken.

De bomenbladeren zullen heel snel de welige bloei der paardenbloemen aan hun voeten gaan ontregelen. Vanwege minder zonlicht verwelken zij in de laatste fase van hun bestaan. Ook dat is de onverbiddelijke natuur.

Mooi ook om deze stervende zwanenzang in ogenschouw te kunnen en mogen nemen. De gelige haarlokken vallen als het ware af en als laatste overlevingsstuip ontstaat er een doorzichtige tule achtige watergrijze pluizige massa. De luchtstromen zorgen ervoor dat deze borelingen in spe worden weggevoerd naar andere zonnigere oorden waar zij op hun beurt opnieuw zullen gaan groeien en bloeien.

Jan Swagers is een begenadigd tekenaar. Wij maken de afspraak dat ik dit pittoreske geheel met een woordenbrij aan elkaar zal rijgen. Jan maakt op zijn beurt met een mooie tekening het verhaal compleet. Aldus met deze mooie beelden in ons hoofd vertrekken wij van het fleurig omgeven zitbankje.

Langs fietsende mensen vinden dat wij het tijdens onze politiedienst maar goed hebben met niets doen. In ieder geval hebben wij daar toen een aantal fietsen geteld. Preventief positief verkeerstoezicht noem ik dit! In ieder geval leuke reacties van de mensen over twee politiemannen mijmerend op een bankje in het bos.

De kleuren geel dan; De volgende ochtend op mijn fietsweg naar het bureau valt mij op dat ik zelf een fel retro flecterend windjack draag. Vooral de kleur geel beschermt mij op dezelfde wijze als de zon mij verwarmt en mij mijn bestaan gunt. Ik ben dus een beetje gaan letten op de kleuren geel die ik onderweg passeerde. De forsythia's, de boterbloemen, de wilde brem en niet te vergeten de gedomesticeerde narcissen die alweer hun narcistisch hoofd hebben gebogen. Ook de mens heeft de warme kleuren geel geadopteerd.

De gele felle strepen op het wegdek of trottoir, voorrangsborden, verkeerslichten, waarschuwingslichten, varkens-ruggen, omleiding borden met duidelijke accentuerende duidelijke teksten, kleur van de ambulance auto, het verplichte gele hesje op de autosnelweg bij nood.

De kleur geel als beschermende engel in combinatie met een concrete boodschap, wijst eenieder de juiste weg en maant tevens tot een verregaande voorzichtigheid of opmerkzaamheid.

Zelfs de auto industrie heeft het voor elkaar gekregen om de kleur geel als favoriet te bestempelen en te omarmen. Van alle auto's in Nederland zijn de kentekenplaten geel -behoudens uitzonderingen. Het summum op de weg is een gele auto te rijden met gele kentekenplaten. Daar zijn niet veel mensen zich van bewust. Is dat nu bijzonder of niet!

Dan de gele paardenbloem; Wetenswaardig is dat de paardenbloem aan de onderzijde een hardnekkige penwortel heeft die moeilijk te verwijderen is en vaak betiteld wordt als Staatsvijand nummer 1. De penwortel kun je bijna niet meer uuitroeien. De penwortel maakt van de aardkorst een minimalistische gatenkaas (ook weer geel). Hij blijft terugkomen en zich sterk vermeerderen. Misschien daarom de term onkruid. De wortel groeit aan gelijk weer aan idem als de staart van een hagedis. Ooit zullen de paardenbloemen de wereld heroveren of is dit fictie?

De paardenbloem bevrucht zichzelf als een kloon. Hij of zij heeft niemand daarbij nodig. Wel gemakkelijk en volledig aseksueel van aard. Het zaad zelf is geen vrucht maar een nootje aan een steel en wordt door de wind op willekeurige warme plekken verspreid. Overal waar het behaaglijk is, zal de paardenbloem zich nestelen en uit tevredenheid wonderbaarlijk bloeien. Niet voor zichzelf maar voor ons allemaal. Als baken van positiviteit.

Een beauty zonder overdrevenheid. Je moet haar wel willen zien. Dat is de vereiste die de paardenbloem stelt aan de symbiose met andere levensvormen. In mijn tuin mogen paardenbloemen intussen wel frank en vrij bloeien. Ik zal hen met rust laten als ze mij met hun pracht blijven verblijden.

Nog meer geel: Over de tint geel gesproken. Bij thuiskomst zie ik dat mijn vrouw met haar mooie blonde haarkleur een mooie gele trui doorweven met een latent kabelmotief, draagt. Toeval bestaat dus!

Geel is de kleur van; energie, vreugde, geestkracht, luchtigheid en lichtheid van het bestaan. Maar geel is ook; tijd, zon, maan en sterren, zomer, rijpe oogst, goud, gewin en verstand. En als het tegen zit dan zien we spreekwoordelijk geel van nijd. Vincent van Gogh schilderde de wereldberoemde gele zonnebloemen. Van Gogh is arm gestorven met nog maar een oor, maar zijn erfenis is tegenwoordig miljoenen waard.


Op mijn fiets passeer ik een citroenvlinder. Deze nadert mij van rechts, veel sneller dan ik kan afremmen. Vleugel- en lijfgeel, vrij, tevreden en onbekommerd, vliegt deze langs met een big smile.