Intro
Ich woonde in de begin jaore 60 in de auw kolonie in het
Lummerichterveldj, Tunnelsjtraot nr 16. Mit miene pap, mam en broar Paul. Oma
Tummesj woar geschturve en opa zoat allein en koosj dat neit zo good.
Mantelzorgdragen deje veer veurdet het woord oetgevunje waas. Dat deeh toen
bienoa jekereine.
Mit miene broor leep ig te voot noa de legere schoal in
Euverhoave. De Heilig Hartsjoohl. Doa hubbe ze gepebeierd um mig un bietje
basiskennis bie te brenge veur later as ig groot zou zeen. Ig ben neet zo groot
gewoare mit mien 1.77. Miene broor is eve lank. Allebei kleiner es uzze pap.
Maar mien mam waas mer klein. Miene broor Paul en ig zitte der presies midden
tuschen-in.
Uzze woonkolonie in het Lummerichterveldj hubbe ze afgebroake
noadat ze de vief flats geboewd hubbe in 1967. Jammer maar het is neit angesj.
Toen zeen veer verhoes nao Euverhaove.
Ich zal vanaaf noe maar in het Hollesj wieer tiepe!
Het auwt schwumbad van Zitterd
In die oude vergane tijden was er voor de kinderen nergens veel te beleven. Plezier maakte je zelf. Maar wel meen ik me te herinneren dat er altijd lange zomers waren met lekker warm weer en zonneschijn. In de vakantie ging je vooral naar buiten om te spelen. Buitenlandvakanties? wat was dat! Spelen, vliegeren en voetballen op het voetbalveld van de Kraaien in Limbrichterveld. Als het te warm was dan ging je met mam naar Susteren naar de Bagger om te zwemmen. Of je ging naar het zwembad in Zitterd bij het stadspark.
In die oude vergane tijden was er voor de kinderen nergens veel te beleven. Plezier maakte je zelf. Maar wel meen ik me te herinneren dat er altijd lange zomers waren met lekker warm weer en zonneschijn. In de vakantie ging je vooral naar buiten om te spelen. Buitenlandvakanties? wat was dat! Spelen, vliegeren en voetballen op het voetbalveld van de Kraaien in Limbrichterveld. Als het te warm was dan ging je met mam naar Susteren naar de Bagger om te zwemmen. Of je ging naar het zwembad in Zitterd bij het stadspark.
Voor 10 gulden of zoiets kochten je ouders een zwembad abonnement
en daarmee was je de hele zomer onder de pannen en hadden menige ouders hun
welverdiende rust. De jeugd van Sittard fietste of liep naar het oude zwembad
en zwom, zonnebaadde op het ligwei of wat dan ook binnen de afgerasterde
hekwerken van dit mooie pittoreske zwemcomplex met veel groen en hoge bomen. Zonnige
dagen duurden in mijn beleving als kind weken zo niet maandenlang.
In mijn jeugd heb ik er nooit politie gezien of ben ik
getuige geweest van grove wanordelijkheden. Er zal best ruzie geweest zijn
tussen pubers, dat is nu eenmaal zo, maar geen heftige zaken. Of ik kan het mij
niet meer herinneren. Soms zag je een vlegel of batje die heimelijk over het
hekwerk klom om gratis binnen te komen.
Wij reden met de fiets via de Agricolastraat langs de
keutelbeek rechtsaf het park in, vlak langs de oude melkfabriek en de tennisbanen van SLTC. Dan het
bruggetje over. De fiets werd geplaatst in de grote altijd
propvolle fietsenstalling. Dan kreeg jij voor je fiets een papieren kaartje als
bewijs van stalling en liep je naar de hoofdingang van het schwumbad.
Meestal was het weer aangenaam en prachtig. Soms een onweersbui of regen maar nooit voor
lang. Er zal best wel eens een fiets gestolen zijn maar niet in de getalen van
tegenwoordig.
Aan de buitenkant van het zwembad hoorde je al andere
kinderen in het water springen, zwemmen en lachen. De blauwe gloed en de aparte
geur van chloorwater veroorzaakten een magische aantrekkingskracht. Naar binnen liep je langs stalen staketsels die
de route stringent bepaalde tot aan de kassa uit waar je het abonnement
naar voren toverde en naar binnen mocht. De kassajuffrouw controleerde het
abonnement en het koppie erop en de warme blauwe feeërieke gloed trok je snel
naar binnen voor een mooie dag waterpret.
Snel omkleden in de stenen omkleed hokjes en dan begon de dag-lange pret. Een handdoek werd uitgerold en dan had je voor de hele dag je plek
als een Duitser ingenomen. In die jarenlange verblijven is niets of niet veel gestolen of bemerkt terwijl iedereen in of nabij het water was en de spullen
onbeheerd achterbleven. Niemand had veel bij zich dus viel er niet veel te stelen!
Je mocht met zwemvliezen en zwemdiploma in het diepe. Het pootjebadenbadje en jeugdzonderdiplomabad waren met stalen
spijlenwerk afgezonderd van het diepe zwemwater. Later werd er nog een instructiebad aangelegd.
Ik weet nog dat ik als kind onderdoor dit tralieraster zwom bij de tussenruimte tussen de vloer en het stalen straliewerk. Ik was niet de enige. Levensgevaarlijk en zeer afkeurenswaardig. De badmeesters stonden de hele dag naar de mierenboel te kijken vooral bij het diepe zwemwater en de duikplanken.
In die tijden was je heel trots als je het proefzwemmen
gehaald had of zelfs een zwemdiploma. Want dan mocht je in het diepe en van de
zwemplanken springen of duiken. Als bewijs daarvan naaide je moeder een
rechthoekje met proefzwemmen of diploma-a of zo op je badbroek.
Als je honger kreeg dan at je een meegebrachte boterham of
kocht je een kleinigheid voor een stuiver, een dubbeltje of een kwartje bij de
houten kiosk snoepwinkel op het zwembadterrein. Na een lange zwembaddag ging je
huiswaarts met rode ogen van de chloor en kon je niet meer diep inademen. Dat
deed namelijk pijn aan je longen. Thuis hadden de ouders geen kind meer aan je
en ging je vroeg naar bed om te slapen. Dag in dag uit hetzelfde plezante
riedeltje. Vooral de jeugdige onbezorgdheid en soms onbezonnenheid.
In deze vergane tijden was geluk of saaiheid nog heel gewoon. Toen hadden de meeste mensen niets en waren tevreden met
alles op hun weg. Tegenwoordig is het omgekeerd en hebben wij alles en zijn met
niets meer tevreden. Plezier tegenwoordig van 10 euro duurt ongeveer 5 minuten!
Afgelopen zondag herinnerde ik mij bovenstaande nostalgie
weer toen ik samen met mijn vrouw uitkeek op de vergane glorie van het auwt
schwumbad en het park van Zitterd.
De gebouwen en baden zijn weggehaald op het gebouw van de ingang, na.
Ik ruik alweer chloor en zie het blauwe water schitteren in een groene oase van gras, struiken en bomen,
De gebouwen en baden zijn weggehaald op het gebouw van de ingang, na.
Ik ruik alweer chloor en zie het blauwe water schitteren in een groene oase van gras, struiken en bomen,
Feiten Stadspark Sittard (bron, de bronnen van: Wikipedia)
Langgerekt stadspark in Sittard met een oppervlakte van circa
18 hectare en ligt in de woonbuurt Park Leyenbroek. De aanleg vond plaats
tussen 1921 en 1933, naar een ontwerp van de tuinarchitect Dirk Tersteeg als
werkverschaffingsproject. Het park is in 2000 verklaard tot rijksmonument.
In het verleden bestond het gebied waarin het stadspark ligt
uit moeras, dat later geleidelijk door boeren uit de nabijgelegen kernen
Leyenbroek en Ophoven werd ontgonnen. Het gebied werd toen aangeduid als de
beemden. Vanwege de drassige ondergrond was bouwen in dit gebied lastig en
daardoor bleef het onbebouwd. Door de komst van de Staatsmijnen in Limburg
groeide Sittard in de jaren 20 van de 20e eeuw sterk uit van kleine vestingstad
tot regionale centrumstad.
In 1921 startte onder leiding van de architect Dirk Tersteeg
de eerste fase van de aanleg met het graven van een roeivijver in het zuidelijk
deel van het park. Ook het wandelpad en de slingervijver werden aangelegd. In
1924-1925 werd ook het noordelijk deel van het park aangelegd. Tersteeg paste
in 1932 de aanleg van een openluchtzwembad in zijn plannen in, dat in 1933
formeel werd geopend.
De roeivijver doet in de winter tevens dienst als
schaatsbaan.
Het stadspark is meerdere malen vernieuwd en heringericht,
voor het eerst in de jaren 50. Het zwembad, dat tot 1985 in gebruik is geweest,
werd tussen 1994 en 1995 gesloopt waarbij enkel de voorgevel bewaard is
gebleven. Het voormalige zwembadterrein ging vanaf dat moment dienstdoen als
evenemententerrein. In 2014 is begonnen met een totale renovatie van het
stadspark.
Het park is aangelegd in een gemengde stijl met kenmerken van
zowel de Engelse landschapsstijl als de Franse formele stijl. Het park bestaat
uit twee vijvers en meerdere ligweides omgeven door bomen, heesters en
bloembedden. Door het park lopen tal van wandelpaden waarlangs op verschillende
plaatsen zitbanken en speeltoestellen zijn voorzien. Van zuid naar noord wordt
het park doorkruist door de Molenbeek, een in de 14e eeuw gegraven zijtak van
de Geleenbeek. De beek is hier rechtgetrokken en genormaliseerd met stenen
keermuren aan weerszijden en diverse bruggetjes.
Hierdoor vormt deze beek een integraal onderdeel van het
park. De Geleenbeek, die vanaf hier de Keutelbeek wordt genoemd, vormt de
westelijke begrenzing van het park. Op deze beek ligt een uit de 1779 stammende
stuw genaamd de Stenen Sluis. Aan de rand van het park bevindt zich ook een
watermolen, de Ophovenermolen.
Tussen de oude binnenstad van Sittard en het stadspark
bevindt zich de villawijk Park Leyenbroek, die gelijktijdig met het stadspark
is aangelegd. Deze woonbuurt ligt architectonisch gezien in het verlengde van
het stadspark en wordt gekenmerkt door hoge bomenrijen en brede groenstroken
tussen straten en tuinen.
![]() |
| de plek van het auwt schwumbad van Zitterd tegenwoordig |



