Fietsetiquette? Amehoela!
Onlangs las ik een artikel over de ongeschreven regels van de wielergroet. Een compleet wetboek blijkt te bestaan. Niet vastgelegd in de Grondwet, niet besproken in de Tweede Kamer, maar blijkbaar bloedserieus voor mannen van middelbare leeftijd in strakke lycra met een fiets die meer kost dan mijn eerste auto.
Volgens deze etiquette moet je eerst een razendsnelle analyse maken van de tegenligger. Sokhoogte correct? Groeten. Bril over de helmriempjes? Groeten. Carbon frame? Zeker groeten. Heeft de man kuiten waar een gemiddelde boomstronk jaloers op is? Dubbel groeten.
Komt er een mountainbiker aan? Dan ontstaat er een diplomatieke crisis. Wel knikken? Niet knikken? Hoort hij erbij? Is hij familie? Is hij slechts een verre neef uit het bos?
De e-biker schijnt zelfs onderaan de sociale ladder te bungelen. Alsof het een fietsvorm van kastendiscriminatie betreft. De wielrenner kijkt demonstratief de andere kant op terwijl de e-biker hem met 35 kilometer per uur fluitend voorbij rijdt. Het heeft iets weg van een man die trots weigert een lift te accepteren terwijl hij nog twintig kilometer moet lopen.
Nu begrijp ik ineens ook waarom Carla en ik zo vaak worden genegeerd. Wij dragen geen lycra. We bezitten geen racefiets en evenmin een elektrische variant. Nee, wij rijden volledig op de locomotieven van ons eigen onderstel. Met een gangetje van zo'n 15 à 16 kilometer per uur trekken wij onverstoorbaar door het landschap, dagelijks, en combineren ook nog onze inkopen met dit stalen ros.
Carla en ik proberen onze CO₂-afdruk ondertussen zo laag mogelijk te houden. Geen ingewikkelde klimaatplannen, geen rapporten of conferenties. Gewoon op de fiets stappen. Kilometer na kilometer neemt de rechtervoet afscheid van het gaspedaal en neemt plaats op het pedaal. Een bescheiden bijdrage wellicht, maar wel eentje die bovendien goed is voor lijf, leden en humeur.
Meestal bergop, zo lijkt het tenminste, en alsof dat nog niet voldoende is krijgen we er regelmatig een stevige tegenwind gratis bij. Weer of geen weer. Gratis krachttraining voor lichaam en karakter.
Wat mij steeds opvalt: hoe groter de lycra-brigade, hoe breder zij wordt. Zojuist nog mogen aanschouwen. Breeduit over de gehele weg, luidruchtig, rebels op gevorderde leeftijd, op jacht naar een laatste vleugje testosteron en de magie van het alfamannetje. Een korte kick vermoed ik. Net als andere genotsmiddelen. Het effect waait meestal sneller weg dan een gunstige rugwind.
Deze observatie geldt overigens alleen wanneer de lycra's ons tegemoet komen. Zodra ik ze in de verte zie naderen, schik ik mij gedwee achter Carla. Anders promoveert zij mij straks ook nog tot alfamannetje en dat risico wil ik niet lopen.
Soms wijk ik vanuit mijn achterste positie een fractie uit richting de middenas van het fietspad. Puur uit nieuwsgierigheid natuurlijk. Twee keer vandaag nog. Maar steevast zie ik de lycra-legioenen weer terugvallen in hun Romeinse formatie: twee naast elkaar en de rest strak daarachter. Alsof er ieder moment een veldslag met Galliërs kan uitbreken.
Nog mooier vind ik de wielrenner zonder helm. Die krijgt volgens de regels de volledige sociale doodstraf. Geen groet. Geen knikje. Geen oogcontact. Niets. Alsof hij onderweg is naar een congres van beroepswaaghalzen.
Persoonlijk houd ik het nog eenvoudiger. Ik groet niet standaard. Eerst maar eens kijken wat de tegenpartij doet. Wie mij vriendelijk groet, krijgt vrijwel altijd een vriendelijke groet terug. Een kwestie van wederkerigheid. Alleen dieren vormen daarop een uitzondering. Honden, koeien, paarden en nieuwsgierige buizerds krijgen zonder aarzeling een begroeting. Die doen tenminste niet aan status, sokhoogte of fietsetiquette. Met de ekster in de broedtijd blijft het overigens altijd uitkijken geblazen.
Het mooiste moment blijft echter wanneer je vriendelijk wordt begroet door een tegemoetkomende fietser. Dat gebeurt vaker dan de etiquette-goeroes doen vermoeden. Maar soms tref je een wielrenner die met een blik op oneindig dwars door je heen kijkt. Kaak op slot. Geen spier vertrekt. Alsof hij onderweg is naar de finale van de Tour en iedere calorie telt.
Prima hoor, kampioen.
Dan geniet ik stiekem extra van onze tocht. Want fietsen is voor Carla en mij nog altijd ontspanning. Geen toelatingsexamen voor een geheime orde van de Heilige Carbon Velg.
En zolang ik door mijn groene kijkers mag blijven turen, dient zich iedere dag opnieuw minstens een schrijvenswaardig avontuur aan. Gewoon langs een veldweggetje, op een bospad of midden op een fietspad waar de lycra-legioenen hun opwachting maken.
Enjoy moment by moment, zeggen de Fransen. N'est-ce pas? 😂
Daar zit misschien wel meer wijsheid in dan in alle fietsetiquette bij elkaar. De tocht is immers het doel. De tegenwind, de wolken, de koe in de wei, de buizerd boven het veld en zelfs de tegemoetkomende lycra-brigade. Ze maken allemaal deel uit van hetzelfde avontuur.
Fietsetiquette?
Amehoela.
Gewoon fietsen. En als het kan een beetje lachen onderweg.
