Begin april samen met mijn maedjes op vakantie per
auto. Geboekt hebben we een huisje in een park in de Eifel met
tal van natuurlijke bezienswaardigheden. De afgelegde route richting bestemming
blijken onderweg al een waar spektakel. Via het mooie Mergelland, langs de
flanken van Aachen en omgeving rijden we omhoog richting mooie Eifel. Het park blijkt een
beauty te zijn nabij het plaatsje Schwammenauel.
Op onze wandeltochten zien we meestal leuke gebeurtenissen.
Mooie flora wanneer je je ervoor openstelt. Je moet het alleen willen zien. Dat
zien en voelen begint dus meteen tijdens onze eerste voet trip.
Als voorbeeld; thuis heb ik in mijn tuin een hele mooie
groene plant. Zeg maar eentje die zomer- en wintergroen blijft, overal waar je
de plant laat groeien en bloeien. De plant voelt zich kennelijk in zijn nopjes
bij ons want hij vermeerdert zich ongevraagd. Mooi, want daardoor krijgt
onkruid steeds minder grip. Als dank voor zijn onderdak maakt de plant
sterke bladeren en stengels en pompt zich vol met de meest fantastische
fleurige groene tinten. Een groen tuin-lipstick als accent voor welbehagen.
In de Eifel passeren wij vele paden, stenen trappen, houten
vlonders met langszij fraaie rotsachtige hellingen. Op deze hellingen krampen
zich bomen, struiken en jawel hoor ook dezelfde plant als diegene die hierboven
omschreven is, vast. De plant is in de Eifel omgeving wel slanker, tengerder
dan die bij mij thuis. Maar het is een en dezelfde familie. Als je dan beter kijkt dan
is het bodempje grond magertjes met daaronder de harde Eifel steenlaag.
Gelukkig kan de Eifelflora toe met weinig water in de stugge seizoenen. Mooi
groen afgetekend met enkele aangename grauwgrijze achtergronden van rotsen.
Bomen zijn bladeren aan het vormen. Het bomenhout verkleurt in een
warme grijze onopvallende massa en houdt zich ook krampachtig aan de steile
ongemakkelijke rotswanden vast. Alsof deze flora bang is dat de losse
rotsstenen omlaag zouden kunnen vallen op onschuldige passanten van welke
dierlijke soort dan ook.
Onderin het dal ligt een grote kunstmatige waterplas. Een
stuw. Het op 1 na grootste stuw in Duitsland. De overblijfselen van dode bomen
liggen in het water of aan de oever. Levende bomen staan tot aan hun voeten in
het water, maar durven schijnbaar niet verder te gaan. De tengels van takken
reiken tot aan het water maar groeien niet erin door. De natuur neemt en geeft
het leven. Alles wat daar groeit en bloeit, wordt door de wind verder geblazen
tot op nieuwe levensvatbare bodem. Vaak aan de overzijde van dit stuwmeer, waar
de pracht eenvoudig doorgroeit. In het heldere stuwwater wuiven grassoorten
onder water vrolijk mee op de stroming van het water en zij schijnen ons goeiedag
te zeggen. Het water is er ijskoud maar vormt op vele plekken voor de
onderwaterdieren toch een huiselijke veilige beschutting.
De mens heeft op zijn beurt tal van natuurlijke paden en
doorgangen enigszins gecultiveerd. Waardoor er mooie wandelmogelijkheden
ontstaan zijn. De onderlinge dorpen –economisch gezien - blijven bereikbaar. In
de winter zal dit keer op keer een beproeving zijn in dit hellingengebied, vooral voor gemotoriseerd verkeer.
Zonder zon geen leven zegt men wel eens. De wolken pracht
mag niet onbesproken blijven. Als een sombrero beschutten zij ons op een aangename
manier. Mooi zonlicht glipt steeds brutaal tussen de wolken door en maakt een
mooie schakering van contrasten met het floragroen en de rotsen, mogelijk. Vele
hellingen worden nog steeds gebruikt om wijnstruiken te planten en druiven te
oogsten.
Op een mooie voettocht richting Heimbach zien we plots
vanuit de verte een grote oranje steen oplichten in het zonlicht. Het lijkt op
een reddingsboei voor een drenkeling in nood. Alsof die rots onbekommerd aan
het uitslapen is in het malse gras langs de weg-kant. Dichterbij gekomen is
deze fata Morgana geen kuierende steen maar een heus beeldhouwwerk van de god
Bacchus. Deze ligt gezellig in de zon te genieten met een glas vin-o in zijn
hand onder een vrolijke tevreden gebeeldhouwde blik. Meer heb je eigenlijk niet
nodig om te genieten en tevreden te zijn.
Heimbach heeft een kasteel onder haar geledingen. Dus dit
gebied heeft ooit kasteelrechten bedongen en ligt dus op de allerbest mogelijke
vruchtbare plek. Een mooie plaats voor toeristen om te onthaasten en ook om te
genieten. Ik zal maar stoppen met de superlatieven ivm sluikreclame.
Een minpunt; De Eifel is een mooie omgeving om vakantie
te vieren wanneer men goed ter been is. Anders is het niet te doen. In het naastliggend dorpje liggen eveneens mooie huizen. Maar ook een tweetal
winzige, lees kleine, bejaardentehuizen. Deze wijken in pracht en praal ernstig
naar beneden af, van de mooie omgeving inclusief de statige huizen. Ik zou op
deze plekken niet oud, gebrekkig en afhankelijk willen zijn. De grillen van de
mens zijn nagenoeg overal hetzelfde. Onder vaak een rigide duur systeem om de
ouderenzorg overeind te houden. Als je jong bent dan zie je zulke zaken niet
omdat ze ver van je afstaan, vooral in mensjaren.
Het plaatsje Monschau dan. Tijdens de wandeltocht werden
onder andere de straten, tal van bezienswaardigheden, gebouwen uit 1550 en
verdere mooie vakwerkhuizen bewonderd. In het dalletje mooi om dit fraais te
zien en van boven af vanaf de hellingen ook een mooi pittoresk geheel.
Frappant dat de kleurtinten in bossen en paden nagenoeg
dezelfde kleur setting hebben als in het stadje zelf; grauwgrijs, wit en groen.
Meer kleuren zijn eenvoudigweg niet nodig.
Na een mooie korte vakantie met vele mooie wandelkilometers
in onze benen rijden we super tevreden huiswaarts via de Eifelse binnenlanden
langs andere mooie wegen en mooie omgevingen.
Zonder ook maar met een wiel op
de Autobahn te rijden. Dan is het ook weer mooi om onthaast thuis te komen en
blij te zijn met wat je hebt en alweer een mooie Eifel herinnering rijker.
Thuis wacht de tuin alweer op me. Zou de Eifelwind de
verkeerde zaden en kernen in mijn richting geblazen hebben om helaas te
ontkiemen tussen mijn eigenste florapracht.
Ik heb al korte metten gemaakt met dit onkruid. Maar is het
onkruid. Onkruid is wat de mens ervan maakt. Misschien is de naam kruid een
betere naamkeus.
Er ligt nergens rommel of rotzooi in de Eifel. Dat is daar
normaal. Hier is dit kennelijk abnormaal. Voor mijn gevoel kon ik probleemloos
water kunnen drinken uit de stuw wat in Nederland minimaal de ziektekaart
betekent.
Ik heb ook alweer geleerd dat je niet ver hoeft te reizen
–vliegtuig of zo - om het mooi en naar je zin te hebben om te genieten.
