Translate

zondag 22 maart 2015

Domus

Onder een brug aan een rivier ligt een ingedeukte grote kartonnen doos. Er steken twee modderige voeten uit. Bouwkundig een farce, behalve voor zijn bewoner. Het is zijn huis. De hemel is zijn dak verder niets. Zomers warm en s ’winters ijskoud. 

Schoenen heeft hij niet. Voeten zijn gehard door ruw dik onooglijk eelt. Zijn lichaam is tenger en vies. Schoonwassen zou hem lekker doen ruiken, maar dan verdwijnt zijn laatste greintje weerbaarheid. 

Eten en drinken gaan bij hem niet volgens de schijf van vijf, maar volgens de onhygiënische restanten in vuilnisbakken. Is het mogelijk om zo te blijven leven en waarom deze (on)vrijwillig gemaakte keuze?

Heeft de man genoeg van de maatschappelijke carrière of politieke correctheid, de betalingsdiscipline van de belastingwetgeving of heeft hij het hoofd buigen en in de maat lopen, opgegeven?

Zijn huis is mobiel, inklapbaar wanneer hij door de handhavers wordt verwijderd. Bijkomend voordeel, zijn tegenwoordig huis kost niets en is volledig recyclebaar. Steeds weer steekt hij ongestraft zijn huis in de brand. Van de restwarmte geniet hij, voor slechts een kort moment, maar dan toch.

Een nieuwe woning zoeken gaat snel. Een gratis kartonnen doos vinden diens uiteinden uitklappen en voilà de woning is klaar voor gebruik, met gratis buitenairco zonder het irritante mechanische gezoem.

Als jong kind ben ik beschermd opgevoed met mijn familie in een woning van steen met een stevig pannendak. Verwarming slechts in een kamer via de kolenhaard, welke warmte en genegenheid uitspuwt. Als kind weet ik niet beter. Naar bed gaan in een ijskoude slaapkamer. Snel warm worden door de kruik, wat een luxe toen. 

’s Morgens niet naar buiten kunnen kijken door de bevroren ruiten met ijs-rozetten erop.

Overdag buiten spelen met kinderen, warm gekleed in de kou ravotten. Het computertijdperk is dan nog niet aangebroken.

Tegenwoordig zijn huizen super-de-luxe. Het verondersteld geluk ligt via een elektrisch infuus aan de social media vastgeklemd. De wereld ligt binnen bereik in de woning.

Veel woningen staan onder water, lezen we in de krant. Het dak is niet kapot, water loopt niet ongeremd door de gang. Nee, de hypotheekschuld is groter dan de economische waarde.

De man in de kartonnen doos is wel schuldenvrij. Hij is met niets gekomen en neemt afscheid van het leven materieel gezien, nagenoeg met niets. In zijn hart zit een ongekende niet te bevatten rijkdom van tevredenheid.


Waarschijnlijk zal niemand hem volgen op zijn pad en dus blijft hij alleen achter,