In de nadagen van dit jaar heb ik het best wel druk. Ben
bezig met de badkamer te vernieuwen en ’s ochtends sta ik op tijd op. Waarom?
Omdat mijn innerlijk alarmknopje afgaat en ik uitgerust ben.
Ik zet koffie en loop naar beneden om de krant uit
de brievenbus te halen. Of andersom. Het ligt er net maar aan hoe wakker ik ben voor mijn dagelijkse routine.
Dan lees ik de krant - de ellende in de wereld- die ik al weet. In de krant
staat altijd oud nieuws afgedrukt. Nieuw nieuws is nog bezig om oud te worden.
Buiten is
het aardedonker wanneer ik ga multitasken, in mijn geval lezen in de
krant en met mijn rechterhand reiken naar de koffiemok die per slok geleegd
wordt van zijn zwarte substantie zonder verdere ingrediënten.
Om mijn weg te vinden breng ik licht in de duisternis en intuïtief duw ik op het stopcontact dat klik zegt en via een ader de tweekoppige
zon boven mijn hoofd, getemperd goudgeel laat afdalen op mij en mijn krant. Daar
kan ik steeds weer van genieten. Dan zet ik mijn leesbril op om de dagelijkse ellende via mijn ogen te consumeren. Soms is het nieuws leuk, helaas maar af en toe.
Zo richting 08.00 uur trek ik de rolluiken omhoog. Het
atmosferische buitenlicht laat toe dat ik de wijde wereld in kan kijken. In
mijn geval de woning aan de overzijde van de straat, verderop een prachtige boomhaag en het samenspel van de seizoenen die de wereld in bedwang schijnt te houden. Schoorstenen spuwen witte rookpluimen uit. Ter compensatie van de ingetreden kou.
Af en toe zie ik in de weilanden reeën in groepjes grazen, zo dicht bij de menselijke woningen, heel gewoon
maar ook heel bizar. Bij de overburen staat dan het rolluik omhoog. De bejaarde bewoners houden van glas gordijnen met plooien en een
volle groene vensterbank. Solitair en rustig zou mijn keuze zijn maar zij vinden propvol
prachtig. De plooien van de glas gordijnen lijken op de baleinen van walvissen die er plankton mee uit de zee vissen, als fantasie beeld.
Ik hoef niet lang te wachten want dan propt zich in deze
overvolle etalage een wit stipje. Dit witte stipje heeft koolzwarte ogen, is 2
jaar oud en heeft een onuitroeibare energie met zijn totaal van 3 kg aan lichaamsgewicht.
Hij heeft oneindig geduld want hij weet dat mijn wederhelft hem een aantal keren per dag
ophaalt voor zijn dag routine en training.
Daar wacht hij op. Uren lang
als het moet. Ik voel mij vanwege mijn werk
ervaringen vaak bespied door Teddy Freddy. Het interesseert hem niet. Hij wacht af, wacht af en wacht af met zijn dwingende poses tot
hij gehaald wordt om te wandelen, te waken en te surveilleren.
Het dichtslaan van onze voordeur dan. Teddy Freddy heeft
niks aan zijn gehoor sensoren. De sonore klap van hout op hout van onze
voordeur maakt in hem de BEASTMASTER los. Als we dan goed luisteren, horen we zijn
gehuil als van een hongerige of gretige wolf, tot op de straat. In de wetenschap
dat Teddy Freddy tot op zijn bot getergd en klaar is om de wijde omgeving af te bakenen met zijn vele kleine piesstraaltjes.
Als mijn vrouw Teddy Freddy en de bijna blinde Baby Bob
ophaalt is er sprake van een witte tornado van blijdschap. Een ware wervelwind
in de dop. Het zou leuk zijn als Teddy Freddy kon stofzuigen, want door zijn
Speedy Gonzales mentaliteit zouden de overburen nooit meer hoeven te poetsen.
Dan rent Teddy Freddy door de woonkamer als een bezetene. De halsband kan slechts met moeite omgedaan worden. In tegenstelling tot omaatje Baby bob die gedwee en
idolaat wacht op mijn Carla. Maar verschil moet er zijn. Buiten gekomen snuift
Teddy Freddy de volle teugen de buiten zuurstof op en dan begint zijn routine. Ik loop vaak mee met dit illustere drietal waaronder
mijn wederhelft, tenzij ik ben uitbesteed aan de firma Hermandad.
Teddy Freddy loopt vol trots voorop
als een pointman in een militaire operatie. Alles en iedereen in ogenschouw nemende. De riem
staat strak gespannen, op breken. Hij loopt als een bezetene. Zijn lijfje is klein,
kort maar zijn pootjes gaan tekeer als een razende Roeland. Hij is net een TGV
maar dan nog met meer vitesse. Hij ruikt, piest, bakent af en alles waar hij loopt is
kennelijk aan hem ondergeschikt. Een ware koning, REY, Teddy Freddy!
Dan het ondergeschikt zijn. Teddy Freddy loopt in de meeste
gevallen aan de lijn en is een ogenhond. Hij ziet alles al van ver op zijn pad
komen en handelt er bruusk naar. Fietsers, daar heeft hij tegenwoordig ook al
een hekel aan. Andere honden dan. Dit is een super komische act. Hij ziet ze naderen en
begint dan chronisch te grommen en werpt zich dan op als een heuse barricade
voor zijn gevolg, wij dus. LOL. steeds maar weer opnieuw.
Wanneer hij in zijn grommende act zit en aan het imagineren
over zijn aanpak dan verkeert hij als het ware in een trance toestand. Ik denk
af en toe dat hij naar Spec Savers moet gaan om zijn ogen op te laten meten. Want hij is altijd de kleinste in een onderlinge benadering maar ook de
brutaalste. Het zal wel niet komen omdat ik met hem meeloop. Ook zonder mijn
aanwezigheid is hij de Hero, de bink uit mijn dorp.
Baasjes en andere honden die meestal veel groter zijn dan
hem krijgen een BIG smiley als ze dit mini disaster mogen aanschouwen. Hij oogt
zo lief maar ook zo weerbarstig. In zijn act probeer ik hem af en toe tot de orde
te roepen alla the Dog whisperer. Het resultaat is dan ietwat rust.
Tegenwoordig wanneer hij een knijp in zijn lenden voelt, dan bijt hij vol op me
in met zijn drie kilo. Ik zou aan zijn riem kunnen trekken maar dan vliegt hij
hoog over. Ik laat het dan even gebeuren. Wanneer het gevaar geweken is, dan
roep ik hem.
Dan komt hij naar mij toegelopen en springt omhoog –altijd
tegen mijn linker been- Dan moet ik hem over zijn rug krabbelen. Dat vindt ie
zalig over zijn jeukerige rug! Zijn dank is steeds en
stevige lik van blijdschap.
Teddy Freddy is in het geheel niet haatdragend. Na regelmatige agressiviteit sluit hij ons heel snel weer in
zijn hartje. Zou hij zich verantwoordelijk voelen voor ons welzijn? dat is de
te stellen vraag. Voor Teddy Freddy een weet!
Elke keer weer LOL als ik met hem uit mag wandelen. De vraag
is af en toe, wie gaat met wie wandelen, wanneer en vooral waarom! Daarom dus.
Het moet, dat is nu eenmaal zo bepaald in de redenatie en DNA van Teddy Freddy!
Ik voel me veilig want Teddy Freddy Kruger waakt tenslotte over mij!
Ik voel me veilig want Teddy Freddy Kruger waakt tenslotte over mij!
