regen, sneeuw, mist, voorjaar, lente en last but not least de zon. De zon op haar beurt is een plaaggeest, vooral in dit jaar 2021.
Ze schijnt af en toe en verwarmt het aardoppervlak met uitnodigende partiële plaagstoten op weg naar warme tonen en weldaad.
Vorige jaren is de zón steeds hard en ongenadig voor de natuur met een droge verdorrende input.
Dit jaar is de zon als een verstopte diamantsoort die bang is om ontdekt te worden. Soms zichtbaar en vaak illustratief als een ongehoorde bede of rekest.
Dan op een zekere dag wordt de zón gevangen in een sluitertijd van een fotocamera. De zon schijnt tussen de uitstekende bomenbladeren heen neerwaarts, diep neerwaarts op het volle leven onder de zonneklep. Diep in de aarde waar rivieren en in dit geval een Hemelse beek, hun vaarwegen hebben gebaand door en langs grilligheid in een symbiose.
Want, het leven gaat altijd door, zo denkt men al sinds mensenheugenis.
Deze hemelse Beek in ieder geval geeft leven door, aan wortels in het bos, aan leven onder de stenen, daar op plekken waar niet meer gezocht wordt naar prooien. Het wordt groen en bloei.
Maar wanneer dan!
In de cameralens lijkt het alsof water smelt en verandert in een weldadige stoom die uitnodigt om samen verder te banen of vaarwegen te effenen en welige groei te bevorderen, zoals op het moment suprême van de sluitertijd.
Leven doorgevend aan 2021 zoals te doen gebruikelijk en verwacht door alles en iedereen
